Fastfoodmuseum
Fastfoodmuseum2020-01-28T15:00:04+00:00

1970

Nordsee Quick, Walk Inn

1970

‘Vooralsnog moeten we in de Nederlandse verhouding het uniforme in- en exterieur afwijzen.’ Luidt het commentaar van brancheorganisatie Horecaf als Wimpy de Nederlandse markt betreedt. Wimpy krijgt navolging van andere formules. Nordsee Quick – vis fastfood – opent in 1970 zijn eerste restaurant. Er zullen er vele volgen. Ook snackconcept Walk Inn maakt naam in menige stad.

1971

McDonald’s in Zaandam

1971

Albert Heijn begeeft zich na Wimpy weer in de fastfood. AH opent de eerste McDonald’s in Zaandam. Mét kip en appelmoes. De samenwerking duurt tot 1974. McDonald’s gaat alleen verder, mét hamburgers. In 1987 opent de eerste McDrive, in 1994 restaurant numero 100 in Maastricht, in 2008 zijn er 220 McDonald’s-vestigingen in Nederland.

1975

Friet & Frikandel speciaal

1975

Een melange van fritessaus of mayonaise, gesnipperde uitjes en ketchup (later overwegend curryketchup). Het speciaaltje is geboren. Frites speciaal, frikandel speciaal (overdwars doorgesneden) en hamburger speciaal worden bestsellers. Vanaf het midden van de 1970s marcheert het speciaaltje op. Aangemoedigd door dit succes, komen er later andere melanges, zoals speciaal mét pindasaus.

1978

80 cent voor een frietje

1978

Konsumentenkontakt krijgt klachten over dure patat in snackbars. De prijs is zo hoog, omdat de aanvoer van Bintjes in 1976 te wensen overlaat. Als het Bintje weer royaal voorradig is, blijft frites duur. De overheid kondigt een prijsmaatregel af: vanaf september 1978 mag een zakje patat van 150 gram maximaal 80 cent kosten.

1980

Shoarma stijgt met stip

1980 – 1995

Aan het einde van de 1970’s maakt Nederland kennis met het broodje shoarmavlees, een Arabische fastfoodvariant. Overwegend Egyptenaren en Palestijnen openen honderden shoarmazaken. Hun aantal bedraagt in 1995 ruim 1200. Vanaf het einde van de 1990’s betreden steeds meer Turkse en Marokkaanse ondernemers deze markt, die transformeert van shoarma naar döner kebab.

1982

De eerste frikandel rel

1982

De frikandel is in de loop der jaren meer dan eens het middelpunt van een publieke affaire. Voor het eerst in 1982. Consumentenprogramma Tros Kieskeurig zet met opmerkingen als ‘Er zit alleen slachtafval in’ de snack in een kwaad daglicht. De verkoop van frikandellen zakt als een baksteen. Na 1982 neemt de populariteit enkel toe.

1983

Lekker broodje gezond

1983 – 1986

Het productschap van de tuinbouwers lanceert het Broodje Gezond. Sla, schijfjes komkommer, tomaat, plakje kaas. Veel cafetaria’s nemen het (zachte) broodje op in hun assortiment. Uit de campagne komt bovendien een succesvolle vakwedstrijd voort: Het Lekkerste Broodje van Nederland. Belegde broodjes zijn sindsdien (medio 1980) niet meer weg te denken uit de Nederlandse fastservicebedrijven

1984

Mexicano wordt ‘n hit

1984

Frikandel, kroket, frites. Het supertrio in friturend Nederland, de grote omzetmakers in de cafetaria. Aan de lopende band worden nieuwe snacks geïntroduceerd, maar de meeste zijn geen blijvertjes. Een nieuwe bestseller diende zich aan in 1984, de Mexicano van De Vries Vleessnacks in Dordrecht. Blijvertjes van later datum: kipfingers, shoarmarol en berehap.

1985

Professionals in patat

1985 – 1992

De cafetariasector professionaliseert. Met eigen opleidingen, een actieve brancheorganisatie, vakblad Snackkoerier (sinds 1987) en vakwedstrijden. Er wordt gestreefd naar een erkenningsregeling. Die komt er niet. Wel is in 1992 het cafetariamerk Kwalitaria het gevolg. In 1992 wint Cafetaria Het Middelpunt in Wezep de eerste editie van de vakwedstrijd Cafetaria van het Jaar.

1986

De gouden gokguldens

1986 – 1995

Vanaf 1986 zijn kansspelautomaten die geld uitkeren toegestaan in de horeca. Vooral in de cafetariasector is het hek daarna snel van de dam. Frituurondernemers verdienen vele duizenden guldens – soms zelfs tonnen – met gokkasten. De opbrengst in de totale snackbranche is zeker vele honderden miljoenen. In 1995 maakt de overheid een einde aan het gokvirus.

1989

De val van de muur

1989

De automatiek is op sterven na dood, vaderlandse eetfolklore wordt bedreigd. In 1973 telt ons land 534 eetmuren, tien jaar later zijn het er 106. In de jaren daarna houdt vooral Febo de automatiek in coma. Na 1990 ontwaakt de automatiek. Dankzij enkele producenten, tankshops, discotheken, attractieparken en cafetaria’s groeit hun aantal weer tot vele honderden.

Het Magnum effect

1989 – 1994

Unilevers innovatieve ijsco Magnum (dikke laag chocolade) geeft de handijs omzet in de cafetariasector een impuls. Handijs is van oudsher een cafetariaproduct, vooral voor kinderen. De Magnum – Nederlandse vinding, eerst in Duitsland gelanceerd – verandert dit. De volwassen consument telt grif geld neer voor de Magnum. De Magnum wordt een bestseller, maar ook een commodity.

Meer Berichten Laden